waterschappenNaast de verkiezingen voor Provinciale Staten kun je op 18 maart ook een stem uitbrengen voor het bestuur van je waterschap. Dat roept vragen op. Heeft een door burgers gekozen waterschapsbestuur wel zin? Iedereen wil toch veilig achter de dijken wonen? Iedereen wil toch dat zijn of haar afvalwater gezuiverd wordt? Ja, natuurlijk. Maar er speelt meer…

Waterbeheer kent verschillende belangen. Legt het waterschap als waterbeheerder bijvoorbeeld meer accent op ecologie of juist op economie en landbouw? Moet het waterschap zich beperken tot zijn kerntaken of ook bijdragen aan bijvoorbeeld ontwikkelingssamenwerking? Moeten steden meer klimaatadaptief worden ingericht of loopt dat allemaal niet zo’n vaart? Daarover verschillen de meningen.

In 2008 werd ik door mijn toenmalige buurvrouw – die als ecoloog werkzaam is bij het waterschap in de regio waar ik woon – gewezen op het nut van de waterschapsverkiezingen. “Als duurzaamheid je aan het hart gaat, stem dan op een kandidaat van WaterNatuurlijk,” zei ze. Van die partij had ik nog niet gehoord. Stemmen voor het waterschap ging toen nog per post en het personenstelsel maakte voor het eerst plaats voor een lijstenstelsel met partijen. Ik bracht mijn stem uit op een kandidaat van WaterNatuurlijk. Deze onafhankelijke groene waterschapspartij wordt – zo ontdekte ik later – landelijk ondersteund door GroenLinks en D66.

De waterschappen heffen belastingen. En wie meebetaalt, mag ook mee bepalen, luidt een bekend democratisch principe: No taxation without representation. Alleen al om die reden is het principieel juist om een stem uit te brengen. Tegelijk speelt de discussie of de waterschappen bestaansrecht hebben als aparte bestuurslaag, naast het rijk, provincies en gemeenten.

Tegenstanders menen dat waterschappen weliswaar nuttig werk doen maar beter met de provincies kunnen opgaan in nieuw te vormen landsdelen. Voorstanders menen dat waterveiligheid vraagt om een aparte bestuurslaag: aparte belastingheffing leidt ertoe dat investeringen in waterveiligheid (dijken) en schoon oppervlaktewater (een betere waterkwaliteit) gewaarborgd zijn en geen speelbal worden van politieke belangenafwegingen. Is dat ook de reden waarom in veel landen jaloers wordt gekeken naar het Nederlandse model met waterschappen? Hoe is het mogelijk dat in dat kikkerlandje – dat voor een belangrijk deel onder de waterspiegel ligt – sinds 1953 geen doden meer zijn gevallen ten gevolge van hoogwater? Het is niet toevallig dat de OESO in 2014 met een lovend rapport kwam over de Nederlandse waterschappen.

Hoe dan ook: waterschappen zijn in Nederland een aparte bestuurslaag. En binnen een waterschapsbestuur zijn verschillende belangen vertegenwoordigd. De kwesties die spelen betreffen niet alleen duurzaamheid (bijvoorbeeld rond de vraag hoe zwaar in te zetten op waterkwaliteit) en ontwikkelingssamenwerking (discussie over het wel of niet nemen van mondiale verantwoordelijkheid) maar bijvoorbeeld ook de wijze van belasting heffen: mag bij de inning de draagkracht een rol spelen? Ja, er valt dus wat te kiezen.

Misschien zijn de bestuurlijke keuzes niet altijd even zichtbaar. Het waterschap is van oudsher gericht op consensus en overeenstemming en is bij uitstek de functionele bestuurslaag van het polderen. Geen polarisatie maar pragmatisme. Dat neemt echter niet weg dat aan veel beleidskeuzes van waterschappen ook principiële overwegingen ten grondslag liggen.

Op 18 maart kun je op één stembureau, twee keer gebruik maken van je democratische recht. Voor hulp bij het maken van een keuze kun je overigens terecht op www.kieskompas.nl. Aan de hand van een gebiedskaart selecteer je het waterschap waar je bij hoort. Speciaal voor jouw waterschap kun je vragen beantwoorden en zien welke partij(en) passen bij je persoonlijke inzichten en opvattingen. Landelijke politieke partijen doen vaak mee zoals CDA, VVD, PvdA en ChristenUnie, maar ook (lokale) waterschapspartijen. En voor mensen die bij andere verkiezingen GroenLinks of D66 stemmen, kan WaterNatuurlijk een logische keuze zijn.

Otter-BlauweLaarzenToegegeven: de keuze is misschien niet reuze. Het gaat om een afgebakend beleidsterrein en om accentverschillen. Toch kunnen partijen in een waterschapsbestuur verschil maken. Zeker als de partij groeit. De kiezer kan dus mee bepalen of een waterschap bijvoorbeeld scherp of minder scherp toeziet op ecologische doelen en of een waterschap wel of niet kennis wil delen met derde wereldlanden waar watersnood een regelmatig terugkerend probleem is. Ook water vraagt om heldere keuzes. Volg daarom je hart en ga vooral stemmen.