(Foto: Michael Beck. Bron: Flickr.com Creative Commons)

(Foto: Michael Beck. Bron: Flickr.com Creative Commons)

Deze overweging schreef ik voor het advents- en kerstnummer van ‘Gaandeweg’, uitgave van de Protestantse Gemeente Zwolle.

“Maria gelukkig prijzen betekent niet altaren voor haar bouwen, maar het betekent met haar de God aanbidden die het nederige aanziet en het uitverkiest.” Deze woorden komen van Dietrich Bonhoeffer (1906-1945) en staan in ‘Een thematisch dagboek’ met een groot aantal teksten van de bekende theoloog, samengesteld door Gerard Dekker.

Met de lofzang van Maria – het Magnificat – heeft Lucas in het eerste hoofdstuk van zijn evangelie al de juiste toon te pakken. God redt, maar hoe? Jezus moet nog geboren worden en nu al klinkt door dat het beslist geen heldenepos wordt. We treffen een onaanzienlijke vrouw aan zonder maatschappelijke status.

De omgekeerde wereld staat op het netvlies van de evangelist. De weg daarheen gaat niet zonder dood en opstanding. Zoals Bonhoeffer schreef: “Wanneer God zelf in de kribbe van Betlehem komen wil, dan is dat niet een idyllische familie-aangelegenheid, maar het is het begin van een volledige omkering, een herschikking van alles op deze aarde.”

Maria is bij uitstek het voorbeeld van geloven. Omdat Maria alles voor zoete koek slikt? Dat lijkt me van niet. Als de engel Gabriël haar vertelt dat ze de moeder van de Messias zal worden door de heilige Geest, begrijpt Maria er helemaal niets van. Dat snap ik. Het had mij verbaasd en enorm geïrriteerd als Maria’s spontane reactie zou zijn geweest: ‘Ah, natuurlijk’.

Maria antwoordt: ‘Mij geschiede naar uw woord’ (Lucas 1:38). Ze aanvaardt het wonder. En dat doet Maria ondanks haar twijfels. Twijfels over hoe het praktisch kan om als maagd een kind te krijgen. Maar vooral omdat juist haar – als maatschappelijke outcast – dit wonder ten deel valt. Dat leidt tot grote blijdschap die haar aan het zingen brengt.

‘Mijn hart prijst hoog de Heer, van vreugde juicht mijn geest om God mijn redder’. En zij gaat verder: ‘Heersers ontneemt Hij hun troon, maar Hij verheft de geringen. Die hongeren overlaadt Hij met gaven, en rijken zendt Hij heen met lege handen’. Dit is echt revolutionaire taal.

Bonhoeffer schrijft: “Wie van ons zal Kerst op de goede manier vieren? Degene die alle geweld, alle eer, alle aanzien, alle ijdelheid, alle hoogmoed en alle eigenwilligheid eindelijk bij de kribbe neerlegt, die het bij het nederige houdt en God alleen hoogverheven laat zijn, die met Maria spreekt: de Heer heeft mijn nederigheid aangezien.”

Wie Maria navolgt, brengt de Messias ter wereld.