wubbo ockels laatste tweetOnderstaande column schreef ik voor Protestant.nu en is daar gepubliceerd.

‘Er zijn veel religies die mensen samen krijgen, maar nooit alle mensen. De verschillende goden waarin mensen geloven, scheiden de mensheid juist in groepen. Dat heeft geleid tot conflicten en zelfs oorlogen. Deze religies zijn niet duurzaam. Maar als we in de mensheid geloven, zullen we geen conflicten meer hebben, omdat we één zullen zijn.’

Deze woorden komen uit de brief van Wubbo Ockels (1946-2014) die hij naliet kort na zijn overlijden op 18 mei jongstleden. In de jaren tachtig maakte hij als eerste Nederlander een vlucht door de ruimte. Tot aan zijn dood in 2014 was hij hoogleraar aan de faculteit Lucht- en Ruimtevaart van de TU Delft.

Juist door zijn kennis van het heelal is Wubbo Ockels gaan beseffen hoe bijzonder, uniek en kostbaar het leven is in die kleine en dunne schil die dampkring heet: het leven op dat summiere planeetje aarde. Hij schrijft: ‘De ruimtevaart heeft ons een spiegel voorgehouden. We zijn nu echt waar we zijn: op een prachtige planeet, waar we niet zonder kunnen. We zijn allemaal astronauten van het Ruimteschip Aarde.’

Ockels lijkt de grote wereldreligies, inclusief het christendom, als obstakels te zien voor een besef van mondiale en ecologische verbondenheid. Hij gelooft in ‘de God van de mensheid’ en die is volgens hem ‘in ons allemaal’. Ockels schrijft: ‘We kunnen ons niet achter deze God verstoppen, omdat het in ons zit. We kunnen ons niet verbergen voor de verantwoordelijkheid voor onszelf.’ En iets verderop: ‘We moeten symbolen, rituelen en kunst maken om ons geloof in de mensheid te uiten.’

De brief van Ockels getuigt van een grote liefde voor het leven op aarde, geboren uit verwondering. En voor een verlangen naar vrede en harmonie tussen mensen onderling en tussen mensen en de schepping. Dat maakt mij stil. Ook zet de brief mij aan het denken. Moeten christenen, moslims, joden en hindoes hun overtuigingen misschien toch inruilen voor een compleet nieuw vorm te geven universele religie?

Volgens mij ligt de uitdaging erin dat mensen hun eigen religieuze tradities sterker gaan beleven en begrijpen in een veelkleurige, mondiale context. De wereldgodsdiensten bevatten allemaal een grote rijkdom aan wijsheid en inzicht en ze hoeven elkaar niet in de weg te zitten. Juist ook de eigen religieuze bronnen kunnen helpen om de toekomst tegemoet te treden. Zo kunnen gelovigen nadrukkelijker denken en geloven op een manier die anderen insluit in plaats van uitsluit.

Neem nu Jezus. Wilde hij een nieuwe religie stichten? Of ging het hem om de komst van wat hij het ‘Koninkrijk van God’ noemde? En zijn de kerken en het christendom niet vooral middelen in plaats van doelen in zichzelf? Het nadenken over deze vragen biedt aanknopingspunten en ruimte voor gelovigen tot een gezamenlijke zoektocht naar vrede, gerechtigheid en heelheid van de schepping, samen met alle mensen van goede wil. Waarschijnlijk doen gelovigen op deze manier meer recht aan de essentie van hun religieuzes bronnen, dan wanneer ze blijven vasthouden aan het oude.

Oecumene en interreligieuze dialoog mogen beslist verder gaan dan ‘egeltjesliefde’, zoals de protestantse predikant Jurjen Zeilstra uit Hilversum het noemt: een weinig inhoudelijke dialoog uit beleefdheid waarbij angst bestaat om bijvoorbeeld samen te bidden met mensen met een andere religieuze achtergrond. Alsof mensen geloven in een Schepper die niet in staat is om menselijke verschillen te overbruggen. En alsof de grote wereldgodsdiensten met hun vertrouwde begrippenkader en rituelen door een bescheiden spirituele toenadering tussen mensen, zomaar zouden kunnen verdampen…

Misschien moeten christenen, moslims en welke gelovigen dan ook, wat minder als egeltjes zijn en sterker gaan lijken op nieuwsgierige, verwonderde astronauten.