Hieronder het ‘Redactioneel’ dat ik schreef als eindredacteur van tijdschrift De Linker Wang voor het meinummer dat dezer dagen verschijnt. Voor een proefabonnement of gratis proefnummer, kijk je op www.linkerwang.nl

Na de val van het door rechts-nationalisten gedoogde Kabinet Rutte, mag Nederland weer naar de stembus. Lijsttrekkers gaan de strijd met elkaar aan. Alexander, Diederik, Emile, Geert, Hero en Mark overtroeven elkaar. Hoe scoren vrouwelijke lijsttrekkers in deze arena?

Jolande Sap en Marianne Thieme doen niet onder voor hun collega’s. Maar aan wie denken de meeste kiezers bij een partijleider of minister-president? En hoe moet een partijleider er uit zien? Wat heeft Emile Roemer wel in huis, waar het Agnes Kant eerder aan ontbrak? Bij een ‘sterke man’ denken we vaak aan iets anders dan als we ‘sterke vrouw’ zeggen. Is de politiek misschien toch vooral een masculiene aangelegenheid?

GroenLinks zet de heersende logica op zijn kop. Jolande Sap (Den Haag), Judith Sargentini (Brussel) en Jojanneke Vanderveen (jongeren) zijn de boegbeelden. En GroenLinks koos onlangs Heleen Weening tot partijvoorzitter. ‘Kies niet automatisch voor het religieuze argument’, houdt de partijvoorzitter – die de kerk van haar jeugd vaarwel zei en zich nu laat inspireren door het Boeddhisme – de lezers van De Linker Wang voor (pagina 8-9).

Georganiseerde godsdienst en de positie van vrouwen: daar zit een spanningsveld. Ook dat kan een reden zijn om godsdienst kritisch te benaderen. Het verklaart het ontstaan van de Oecumenische Vrouwensynode (pagina 15). Veel joodse, christelijke en islamitische geloofsgemeenschappen zijn mannenbolwerken. Dat draagt bij aan het feit dat steeds meer mensen zich rekenen tot de ‘ongebonden spirituelen’. Brechtje Paardekooper pleit op pagina 22 voor meer dialoog en interactie tussen deze groeiende groep zinzoekers en mensen uit kerken.

In meer vrijzinnige geloofsrichtingen binnen de grote religies kunnen vrouwen wél een spirituele of leidinggevende functie bekleden. Dat geldt bijvoorbeeld voor de protestantse predikant Margrietha Reinders. Haar column laat zien hoe vrouwelijke heilssoldaten zich het lot aantrekken van prostituees op de wallen (pagina 9). God dienen betekent mensen dienen, zo luidt het motto van het Leger des Heils waarvan majoor Alida Bosshardt (1913-2007) in Nederland lange tijd boegbeeld was.

Markant is ook Henriette Roland Holst (1869-1952) die zich op latere leeftijd ontwikkelde tot religieus socialiste. Carin Hereijgers trekt aan de hand van wat deze dichteres rond 1912 meemaakte, lijnen naar het heden (pagina 21).

Doelbewust en effectief ruimte bieden aan ‘zachte krachten’. Daaraan kan iedereen een bijdrage leveren: vrouwen én mannen, jong en oud en mensen met verschillende levensbeschouwingen. De jaarlijkse uitreiking van de Ab Harrewijn Prijs – waarover in dit nummer een artikel op pagina 18-20 – is daarvan naar mijn smaak een inspirerend voorbeeld.