Henk Baars, ooit boegbeeld van de Acht-Mei-beweging van kritische rooms-katholieken vanwege het Pausbezoek aan Nederland in 1985, is tegenwoordig voorzitter van vredesbeweging Kerk en Vrede. Hij moet aanstaande maandag 20 juni voor de Haagse kantonrechter verschijnen vanwege een incident met een regenboogkleurige vredesvlag.

Kerk en Vrede organiseerde in Den Haag op Veteranendag, 27 juni 2009, een alternatieve veteranendag onder de titel ‘Gedane zaken nemen een keer’. Centrale vraag was hoe de Nederlandse politiek en samenleving omgaan met militaire conflicten uit het verleden. Toen de veteranen langs de Boskantkapel – de plaats van de alternatieve samenkomst – marcheerden, stonden deelnemers van deze bijeenkomst met regenboogkleurige vredesvlaggen langs de kant van de weg. Zij werden verordineerd die vlaggen weg te halen. Toen ze dat niet (onmiddellijk) deden, werd Henk Baars beboet. Daarbij werd hem en andere deelnemers door een politieman toegevoegd: “Dankzij deze mensen hebben wij nu vrijheid van meningsuiting. U moet die vlag direct weghalen.”  

Omdat de politieagent geen enkele (andere) reden heeft aangevoerd waarom het verwijderen van vredesvlaggen langs de route van een militaire optocht gewenst was, beschouwt Kerk en Vrede deze verordening als een flagrante schending van de vrijheid van meningsuiting. Dat is de reden dat zij deze zaak heeft laten voorkomen, ondersteund door Meindert Stelling die meer processen heeft gevoerd tegen ontoelaatbare inperkingen van demonstratievrijheden.

Niet de demonstranten van Kerk en Vrede, maar de politieagent is naar mijn overtuiging buiten zijn boekje gegaan. Een agent moet immers de wet handhaven en zich verre houden van een oordeel over wat al dan niet politiek correct is. Alsof de regenboogkleurige vredesvlag symbool staat voor de lastering van iets wat heilig en onaantastbaar is: Onze Nationale Oorlogshelden. Met alle respect voor al onze veteranen en hun inzet: ook zij maakten én maken deel uit van een imperfecte wereld en een systeem dat bekritiseerd mag worden. Wie dat ontkent doet niemand recht, ook de veteranen zelf niet.

Het verbod op godslastering is in Nederland inmiddels en dode letter en kan prima worden afgeschaft. Tegelijk lijken er tal van nieuwe goden en heilige huisjes bij te komen. Zo stelde Jessica Durlacher enkele jaren geleden voor dat alle kinderen op school moeten buigen voor onze nationale driekleur. Nieuwe goden en heilige huisjes dus waarvoor we moeten buigen. Nee, zeg ik: wie die belastert, relativeert of in een ander daglicht probeert te plaatsen, moet in een rechtsstaat als Nederland alle ruimte blijven krijgen.

Als de ‘blasfemie van een regenboogkleurige vredesvlag’ er op 20 juni toe leidt dat de boete door de rechter gehandhaafd blijft, dan kunnen we constateren dat in elk geval het ‘verbod op  krijgslastering’ in Nederland géén dode letter is. Zo raken we van de wal in de sloot. 

Misschien wordt het – in navolging van de Acht Mei-beweging in de jaren tachtig – nu tijd voor de Twintig Juni-beweging. Want alle goden en heilige huisjes mogen, nee moeten, kritisch onthaald kunnen worden in een vrij land als het onze. Alleen zo kan iets van waarheid en humaniteit – iets van de Levende: ‘Ik ben die ik ben’ – dichterbij komen. In die zin is er ook weinig veranderd sinds 1985. Henk, ik wens je daarom heel veel succes toe aanstaande maandag.     

Meer lezen? Kijk op: http://www.kerkenvrede.nl/index.php?sct=002277. Deze tekst is ook gepubliceerd op de nieuws- en opiniewebsite Joop.nl.