Onderstaande tekst verscheen op 19 april op de nieuws- en opiniewebsite Joop.nl 

Op een bijzettafeltje in de woonkamer van mijn ouderlijk huis, lag jarenlang een klein boekje met aforismen van Wim Kan. Eén aforisme shockeerde mij als christelijke jongen en ging over een Jehova Getuige. Vol overtuiging zegt deze Jehova Getuige tegen de vrouw van Wim Kan (Corry Vonk): ‘Jezus is voor uw zonden gestorven’. Waarop zij kordaat antwoordt: “Maar niet bij mij op de keukenvloer!”.

Ik besefte dat dit aforisme niet de reden was voor mijn ouders om het boekje in huis te halen. Er stonden immers nog tientallen andere aforsmen in die ook leuk waren maar minder religiekritiek bevatten. Toch heeft Wim Kan mij met deze woorden – die mij enorm prikkelden – een zetje gegeven in de ontwikkeling die ik maakte tot een kritische gelovige en een links georiënteerd mens.

‘Jezus is voor mijn zonden gestorven’. Dat leerde ik  in de kerk. Als je dát maar geloofde, dan kwam het allemaal goed. Hoefde je verder niet meer na te denken. Gaandeweg riep dat vragen bij me op. Want het gaat toch vooral om de keuzes die je maakt? En ik ben toch verantwoordelijk voor mijn eigen daden? En waarom moet God zijn Zoon laten bloeden voordat Hij mensen pas kan vergeven? Dat is toch geen blijk van liefde?

Ik las boeken van theologen als H.M. Kuitert, Huub Oosterhuis en Dorotee Sölle. Ik leerde Jezus zien als een kritische profeet, als een mens die andere mensen bevrijdt en uiteindelijk als een ‘lijdende rechtvaardige’ die wegens zijn non-conformisme werd vermoord. En Pasen staat symbool voor het geloof dat lijden en onrecht uiteindelijk niet het laatste woord hebben. Want  Jezus – de mens van liefde en gerechtigheid – is volgens het Paasverhaal niet klein te krijgen. Dat is geen feit en ook geen fictie. Maar een beeldend en literair verhaal dat perspectief biedt.

Jezus was een jood. Daarom is het christelijke Paasfeest niet los te zien van Pésach, wat ik gemakshalve het joodse Paasfeest noem. Daarin staat het thema van bevrijding – het gedenken  van de uittocht uit de slavernij – centraal. Joden vieren deze week Pésach. En christenen zijn deze week op weg naar Pasen. Joden hebben Jezus niet nodig om hun eigen wortels te doorgronden. Maar christenen hebben de achtergronden van Pésach naar mijn overtuiging wél nodig om de boodschap van humaniteit en bevrijding van hun eigen traditie goed in de gaten te krijgen.

Tenslotte vieren moslims ongeveer één keer per jaar het offerfeest, wat qua betekenis overeenkomsten heeft met Pasen. Moslims gaan dan ’s ochtends naar de moskee om te bidden. Het offerfeest valt op ongeveer zeventig dagen na de Ramadan en is gelijktijdig met de afsluiting van de jaarlijkse pelgrim naar Mekka. Het wordt aan het einde van de bedevaart gevierd. Het Suikerfeest (Ied al-fitr) is de afsluiting van de Ramadan. Hier staan bezinning en verzoening centraal: het maken van een nieuw begin met jezelf en met elkaar.

Graag benadruk ik de overeenkomsten tussen jodendom, christendom en islam. Niet omdat ze het zelfde zijn. Maar wel omdat zij alledrie een kern van humaniteit in zich hebben. Seculier Nederland lijkt dat te vergeten en staart zich blind  op alles wat strenge en orthodoxe joden, christenen en moslims aan beperkingen en onvrijheden opleggen. Of op een item als onverdoofd ritueel slachten. Die kritische aandacht  is legitiem en soms ook gewenst. Maar vergeet alsjeblieft niet dat er ook een andere kant is: religie als cultuurvormende en maatschappelijke kracht. Een broodnodige aanvulling op die gezellige – maar o zo commerciële – Paashaas.

Wie gelovigen van diverse religieuze tradities wil helpen zich in Nederland thuis te (blijven) voelen en – waar nodig – te helpen in hun emancipatieproces, doet er verstandig aan om juist ook de authentieke aspecten van religieuze tradities  die gericht zijn op humaniteit, gerechtigheid en bevrijding,  te willen zien en ook op hun mérites te beoordelen. Dat zou een grote nuance én een enorme impuls geven aan het maatschappelijke debat omtrent religie.

En tja, natuurlijk kan dit allemaal zonder dat dit persé besproken hoeft te worden op uw of mijn keukenvloer.