Geen politiek zonder heldere tegenstellingen. De verschillen tussen politieke partijen worden vaak inzichtelijk door ze op een schaal tegen elkaar af te zetten. De bekendste schaal is die tussen links en rechts. Een andere is die tussen progressief en conservatief. Maar deze schema’s voldoen niet om de populariteit van Geert Wilders te verklaren. De vraag is niet hoe groot de PVV wordt, maar hoe de PVV groot wordt. Kan cynisme ingedamd worden?

Linkse en progressieve mensen plaatsen Wilders graag helemaal rechts en uiterst conservatief. Lekker veilig is dat ook. Maar er valt ook veel voor te zeggen. Nationalisme, een afkeer van vreemdelingen en angst voor culturele verschillen past eerder bij rechts dan bij links, eerder bij conservatief dan bij progressief.

Maar hoe rechts is het AOW-standpunt van Wilders? En hoe conservatief is Wilders als hij de invoering van bindende referenda bepleit? Het is eerlijk om deze uitzonderingen te zien. Maar alles afwegende kom je tot de conclusie dat de PVV zeer rechts en behoorlijk conservatief is. Maar toch… als ik mensen spreek die op Wilders stemmen, dan doemt bij mij een nieuwe en veel fundamentelere scheidslijn op.

De afgelopen maanden ontmoette ik diverse mensen die overwegen of zeker weten dat ze op Wilders stemmen. Je ziet ze soms ook op tv of in de krant. Wat me dan opvalt, is vaak wanhoop, cynisme of een onderhuidse frustratie. Als je doorvraagt zijn veel stemmers lang niet zo nationalistisch of xenofoob als de ideeën die de PVV huldigt. Wat ik vooral mis bij deze mensen is een positieve instelling, relativeringsvermogen en optimisme.

Ik ken mensen van de VVD en de ChristenUnie die hoopvol zijn, kunnen relativeren en over humor beschikken. En vooral: de bereidheid hebben om echt in discussie te gaan. Vaak ben ik het niet met ze eens, maar toch voel je aan dat je in het huidige politieke klimaat aan dezelfde kant staat. Maar welke kant is dat? En op welke schaal bevinden we ons dan?

Het is een nieuwe schaal van hoop versus cynisme, van open discussiëren tegenover schelden en toeteren. Mark Rutte probeert ook iets van dat toeteren na te doen. Hij voelt immers de hete adem van de PVV in zijn nek. Maar de PVV-ers zijn er toch stukken beter in. Het zijn bijna allemaal gearriveerde mannen die moeten uitkijken dat ze door hun bekendheid en politieke succes, niet te weinig cynisme uitstralen.

We leven in een tijdperk van overvloed en onbehagen. Onze welvaart is de afgelopen zestig jaar vervijfvoudigd. We hebben het in economisch opzicht beter dan miljarden mensen op aarde. Toch is de onvrede groot. Een zingevingprobleem lijkt de basis te zijn van een nieuwe politieke tegenstelling.

Hoe kunnen hoop en relativeringsvermogen de harten van de PVV-stemmers veroveren? De vraag is niet hoe groot de PVV wordt, maar hoe de PVV groot wordt. Kan cynisme ingedamd worden? Deze spirituele en maatschappelijke kwestie gaat de politiek ver te boven. Hemels ver.